Mantelzorg, een gedicht uit Barger Compascuum

Mantelzorg is een woord, waarvan ik weinig had gehoord. Totdat ik er zelf mee werd geconfronteerd, hoewel ik hier niet voor had geleerd.
Mij werd deze mantel omgehangen en daar hoef je echt niet naar verlangen.
Maar het is zo dat de persoon die deze mantel draagt, er zelf ook niet om heeft gevraagd.
En weet u wat ik ook niet had verwacht: je draagt deze mantel dag en nacht.
Ik moest me met steeds meer dingen gaan bemoeien. De zorgen gingen boven mijn hoofd uitgroeien.
Zonder er om te vragen moest ik steeds meer gaan dragen. Deze mantel werd letterlijk te zwaar, mijn schouders gingen er onder hangen zowaar.
Mijn lijf begon ook aandacht te vragen; hoe konden mijn benen deze zware zorg blijven dragen?
Ik kan u wel vertellen, mijn mantel begon te knellen,
het begon letterlijk slijtage te krijgen, dat hoef ik echt niet te verzwijgen.
Het model raakte langzaam uit zijn voegen van al dat mantelzorgzwoegen.
Ik moet er nu echt voor waken zelf niet in de problemen te raken.
Gelukkig zijn er mensen om mij heen en die houden mij op de been
Dat zijn schatten die mij een paar uur vervangen; dan kan ik mijn mantel even te luchten hangen.

Ik ben dan even van mijn zorg bevrijd en heb voor mezelf ook wat tijd.
ik wel eens onder het lopen, of ik er een mantel bij zal kopen.
Maar helaas hebben de winkels er geen, van dit model is er maar een.

Ik ga naar huis en trek mijn mantel weer aan, hopelijk krijg ik de kracht nog een poosje verder te gaan.

Mientje